Ierse tinker

De Ierse Tinker, zoals de Engelse Tinker, wordt niet beschouwd als een echt paardenras omdat het nogal varieert in type. Het wordt sinds de 18e eeuw in Ierland gefokt en wordt meestal gebruikt als werk- en trekpaard.

Fysieke kenmerken

De lichaamsbouw van de Ierse Tinker is zeer geschikt voor trek- en boerderijwerk: het heeft een klein compact lichaam met korte, robuuste benen en een gespierde schoft. Het profiel van de Ierse Tinker ziet er goed uit: kleine oren, ronde ogen, en een goed gevormd, langgerekt hoofd. Gemiddeld is een Ierse Tinker tussen de 152 en 155 centimeter hoog, waardoor het zware ladingen kan dragen.

Persoonlijkheid en temperament

De Ierse Tinker heeft een vreugdig en ontspannen temperament. Anders dan de meeste paardenrassen, is de Ierse Tinker makkelijk onder controle te houden.

Verzorging

Zoals met al het vee heeft de Ierse Tinker goede verzorging nodig. Het moet regelmatig gevoed worden en het moet voldoende te drinken krijgen. Het moet ook goede uiterlijke verzorging krijgen.

Geschiedenis en achtergrond

De Ierse Tinker is een hybride paard als gevolg van 18e-eeuwse kruisingen tussen de Engelse volbloed, de Connemarapony en het Ierse Trekpaard. Het paard werd ontwikkeld tot een energiek dier met een geweldig uithoudingsvermogen. Het is geschikt als rijpaard en kan ook een harnas dragen. De meeste Ierse Tinker’s worden echter gebruikt voor recreatie en toerisme.