Australische veedrijvershond

Australische veedrijvershond
    Australische veedrijvershond2018-11-26T12:53:36+00:00

    Project Description

    De Australische veedrijvershond, oftewel de Australische Heeler, is een echt Australisch ras. Zoals de naam al zegt, is het ras oorspronkelijk gebruikt als veedrijver, en het is een populaire werkhond omdat hij zachtaardig maar assertief met vee omgaat, goed problemen kan oplossen en zeer intelligent is. Als werkhond, of als vriend voor een energieke familie, is de hond zeer gehoorzaam en trouw: het perfecte ras voor iemand die altijd onderweg is.

    Fysieke kenmerken

    Australische veedrijvershonden zijn wat betreft fysieke kenmerken een spiegelbeeld van de Dingo, hoewel ze een wat flinker lichaam hebben en zich wat rustiger en zachtaardiger gedragen. De vacht van de Heeler is ticked, wat betekent dat iedere afzonderlijke haar een aantal donkere banden heeft. De gemiddelde buitenste vacht is recht, staat dicht bij het lichaam en is niet heel erg kort, terwijl de onderste vacht kort en dik is. Deze buitenste laag is wat harder, waardoor het tegen regen kan en de hond in de barre omstandigheden van Australië kan overleven. De twee standaard kleuren zijn rood en blauw, soms met een masker over het oog. Beide verschijningen worden geaccepteerd. Het lichaam is gespierd, compact en niet heel erg hoog: de schofthoogte ligt tussen de 43 en 51 centimeter. Hij is een beetje langer dan dat hij hoog is, en heeft een laaggeplaatste staart en een wijd hoofd.

    De Australische veedrijvershond is niet snel vermoeid: hij kan lange uren werken en oefenen. En ja, ze werken het hardste als ze ook echt uitgedaagd worden. Ze zijn wendbare en snelle renners – ze moeten dan ook met vee kunnen werken. De bewegingen van de Heeler zijn atletisch, wendbaar en van top tot teen in sierlijke harmonie.

    Persoonlijkheid en temperament

    Australische veedrijvershonden zijn koppig waardoor ze op hun best willen presteren en klaar zijn om iedere moeilijke opdracht aan te nemen. Ze zijn uit zichzelf zelfvoorzienend, maar je kunt ze echt wel alleen laten met een kudde vee. Het is echter wel nodig voor de eigenaar om ook echt de baas te zijn – of zoals ze dat zeggen, een roedelleider – omdat ze een sterk roedelinstinct hebben. Heeler’s zijn intelligente dieren en ze moeten regelmatig fysieke en mentale oefeningen doen zodat ze zich kunnen concentreren en goed kunnen reageren. Regelmatige openluchtoefeningen zijn nodig voor het welzijn van een Heeler. Als ze zonder opdracht worden achtergelaten, zullen ze altijd naar iets op zoek gaan om zichzelf bezig te houden, wat tot kattenkwaad kan leiden. Aan de andere kant ruimt de hond zijn eigen troep weer op, zo legt hij de speeltjes weer weg nadat hij ermee gespeeld heeft.

    Ze gaan erg goed samen met kinderen, maar ze hebben de neiging om kinderen te controleren op hun bewegingen, alsof het kind tot het vee behoort. Het ras is verlegen en voorzichtig rondom vreemden. Naast de traditionele toepassingen, is het ras ook geschikt voor een actief, avontuurlijk leven, waarbij men wandelt, kampeert, of andere activiteiten onderneemt in de buitenlucht.

    Verzorging

    Australische veedrijvershonden kunnen zowel onder koele als gematigde klimaten overleven. Ze zijn vooral gefokt voor de soms barre omstandigheden van de Australische outback. Ze kunnen in een veilige opvang buitenshuis leven, maar ze kunnen ook goed binnenshuis met een familie leven. Door veel fysieke en mentale oefeningen zoals frisbeeën en rennen zal de Heeler zijn energie kwijtraken en zijn conditie op peil houden. De uiterlijke verzorging is makkelijk, zo moet hij af en toe gekamd en geborsteld worden zodat het haar blijft groeien. Ook moet hij wekelijks gewassen worden.

    Het is enorm belangrijk voor de conditie van de Australische veedrijvershond dat hij gehoorzaamheid toont en mentale vraagstukken ontvangt. Een Heeler zonder opdracht zal gefrustreerd en ongelukkig zijn. Ze kunnen niet leven in een appartement of andere ruimte waarin ze niet vrijuit kunnen bewegen.

    Gezondheid

    Australische veedrijvershonden hebben een levensverwachting tussen de 10 en 13 jaar. Serieuze gezondheidskwalen zijn PRA, heupdysplasie, ellenboogdysplasie, doofheid en OCD. Afgezien van deze problemen, kunnen ziekten zoals lens luxatie, staar, vWD, en PPM optreden. Daarom wordt aanbevolen om de ogen, heupen, ellenbogen en oren van de honden regelmatig na te laten kijken.

    Geschiedenis en achtergrond

    Australische veedrijvershonden stonden voorheen bekend als de Queensland Blue Heelers en de Australische Heelers. Ze worden nog altijd veel de Australische of Blue Heelers genoemd. Ze komen oorspronkelijk uit de 19e eeuw, toen de geïmmigreerde herders van Groot-Brittannië naar Australië trokken en erachter kwamen dat de herdershonden die ze meenamen zich niet aanpasten aan de barre omstandigheden van de outback.

    De Smithfield’s, zoals ze genoemd werden, hadden dikke vachten die geschikt waren voor het leven in Londen, maar een te zware last vormden in Australië. Veefokkers klaagden er ook over dat de Smithfield’s te hard beten en te veel blaften, waardoor hun vee zenuwachtig en vatbaar werd. De behoefte voor een hond dat onder barre omstandigheden en ruwe streken vee bijeen kon drijven zonder te veel kabaal te maken of hardhandig met het vee om te gaan, leidde tot een lange periode van kruisexperimenten, beginnend met een man genaamd Timmins, die een Smithfield met een inheemse Australische Dingo kruiste. Het was geen succesvolle combinatie, omdat de nakomelingen wat te agressief waren, maar dit was wel het begin van een recreatie van de Dingo als werkhond. Thomas Hall uit New South Wales was succesvoller. Hij kruiste de Dingo met de Blue Smooth Highland Collie. De nakomelingen bleken veel bruikbaarder, en ze werden bekend als de Hall’s Heelers.

    Over de jaren heen hebben veefokkers andere hondenrassen met de Hall’s Heelers gefokt om zo het ras te versterken en verbeteren. Dat leidde tot de creatie van de Bull terriër, van wie hij zijn hardnekkigheid heeft. De gebroeders Harry en Jack Begust kruisten de Dalmatiër met een Hall’s Heeler, waardoor hij graag in de buurt is van een menselijk metgezel. Naderhand hebben ze de zwarte en tan Kelpie toegevoegd om zijn werkvermogen te verbeteren. Toen begon de Australische veedrijvershond pas echt vorm te krijgen.

    De eerste ras standaard werd in 1902 uitgesproken door fokker Robert Kaleski. De beste resultaten werden in het verdere fokprogramma gebruikt, totdat het ras als rein beschouwd werd. De afkomst van de huidige veedrijvershond kan getraceerd worden naar deze reine Australische Heeler’s. Door de toevoeging van de Dalmatiër kunnen de Australische veedrijvershonden wit geboren worden, maar dat is ook vrijwel het enige wat ze van deze voorvaders hebben geërfd.

    Heeler’s werden in de V.S. erg langzaam populair, en werden in 1980 eindelijk erkend door de American Kennel Club. Sindsdien heeft de Australische veedrijvershond zich als een echte showhond bewezen.

    SLIDING BAR WIDGET 1